Het meest gebruikte argument tegen maatregelen om de diversiteit op de werkvloer te verhogen is dat een bedrijf alleen de beste mensen wil aannemen, zonder rekening te houden met hun sekse, kleur, culturele achtergrond, leeftijd of persoonlijke overtuiging.

Dit klinkt redelijk, maar gaat aan een belangrijk punt voorbij: iemands achtergrond is in zichzelf een kwaliteit. Wie je bent zou voor een toekomstige werkgever net zo belangrijk moeten zijn als werkervaring en opleiding. Het is immers een feit dat meer diversiteit tot betere bedrijfsresultaten leidt.

Met behulp van deze filmvoorbeelden leggen we graag de voordelen van diversiteit uit.

Wall Street (1988)

Het beroemdste element van deze met een Oscar bekroonde film over een kwaadaardige belegger op Wall Street is misschien wel de uitspraak van Michael Douglas: “greed is good” (hebzucht is goed). Maar sinds de financiële crisis van 2008 wordt de film ook om een andere reden genoemd, die misschien minder opvalt:   het totale gebrek aan vrouwelijke hoofdpersonen in het verhaal.

Net als andere films over dit onderwerp toont Wall Street aan dat de bankensector grotendeels een mannenwereld is. Volgens een aantal onderzoeken was dit één van de redenen voor de financiële crisis. De redenering is dat vrouwen minder snel het soort enorme risico's zouden nemen die de grootste crisis van de eeuw veroorzaakten.

Of dat een feit of een simplistische aanname is, blijft onderwerp van debat.  Maar er is veel bewijs ter ondersteuning van het idee dat een betere balans van de seksen goed is voor het bedrijfsleven. Uit een studie door onderzoeksbureau Gallup blijkt bijvoorbeeld dat detailhandelsondernemingen die meer vrouwen inhuren gemiddeld 14% meer omzet boeken dan business units die diversiteit minder hoog in het vaandel dragen.

Joy (2015)

Joy is gebaseerd op het waargebeurde verhaal van Joy Mangano, een gescheiden moeder van drie kinderen die zich opwerkte tot miljonair. Als alleenstaande moeder met een klein inkomen, kende zij huishoudelijke problemen als geen ander. Door deze ervaring kwam ze op het idee voor de Miracle Mop, die praktischer was dan alle andere dweilen op de markt.

De film toont aan hoe belangrijk het is om mensen met verschillende achtergronden aan te nemen, of die nu verschillen op sociaal, etnisch of cultureel vlak. Met haar specifieke ervaring kon Joy oplossingen bedenken waar andere mensen in diezelfde sector niet op zouden komen. Verschillende perspectieven zijn dus essentieel voor ieder bedrijf. Zij stellen het bedrijf in staat om oplossingen te ontwikkelen voor klanten over de hele wereld met verschillende culturen en verschillende behoeftes. Volgens een studie uitgevoerd door McKinsey is de kans 35% groter dat bedrijven met een hoge etnische en culturele diversiteit financieel rendabel zijn.

Moneyball (2014)

Deze film, ook al gebaseerd op een waargebeurd verhaal, laat zien wat er gebeurt als werknemers met verschillende professionele achtergronden naar hetzelfde probleem kijken. In dit geval was het probleem: hoe maken we met zo weinig mogelijk geld van een groep niet zo succesvolle honkbalspelers een kampioensteam?

De directeur van de Cleveland Indians huurde hiervoor niet nog zo'n dure coach in, maar vroeg een econoom om zijn perspectief. De oplossing waar hij mee kwam was net zo simpel als revolutionair: selecteer nieuwe spelers alleen op basis van de statistische gegevens over hun prestaties.  Dit bleek een gouden idee dat nu door sportteams over de hele wereld wordt gebruikt.

Het verhaal toont aan hoe waardevol de input van een relatieve buitenstaander kan zijn. Een IT-er pakt problemen anders aan dan een salesmanager of de marketingafdeling. Hoe meer verschillende oplossingen werknemers kunnen bieden, des te groter de kans dat het gouden idee ertussen zit.

The Intern (2015)

De misvattingen over oudere werknemers zijn eindeloos: ze passen zich minder snel aan, zijn minder productief en kunnen minder goed nieuwe taken leren, om er maar een paar te noemen. Deze vooroordelen zijn de grootste reden dat mensen ouder dan 50 jaar minder kans hebben om te worden aangenomen voor een baan. Hopelijk hebben managers na het zien van de ongeveer zeventigjarige Robert de Niro in The Intern een ander beeld gekregen van oudere werknemers. Hoewel de film fictie is, komen veel van de onderwerpen die hij aansnijdt uit het echte leven. Uit onderzoek door de Universiteit van Mannheim blijkt dat doorgewinterde medewerkers zelden grove fouten maken dankzij hun ervaring, hun vermogen om in teamverband te werken en betere coping-strategieën als dingen fout gaan.   

The Accountant (2016)

Stel dat er twee kandidaten zijn voor de baan van accountant. Een van hen is heel sociaal, spraakzaam en grappig. De ander is verlegen, vermijdt oogcontact en kan ironie niet begrijpen. Wie van de twee moet u kiezen? Als u The Accountant heeft gezien, denkt u misschien wel twee keer na voordat u de tweede kandidaat kiest. De hoofdpersoon in die film, gespeeld door Ben Affleck, is namelijk een asociale autistische forensisch accountant die de boekhouding vervalst voor zijn criminele klanten. Maar vergis u niet: in de praktijk is het andersom. Een recent onderzoek door de Rotterdam School of Management toont aan dat mensen die een vorm van autisme hebben, de betrouwbaarste accountants zijn: juist omdat zij minder empathisch en sociaal zijn, zijn ze ook minder snel corrupt.

Toch hebben mensen met een afwijkende persoonlijkheid minder kans om aangenomen te worden. Maar waarom is dat eigenlijk? Madan Pillutla, Professor Organizational Behaviour bij de London School of Business vroeg zich hetzelfde af. Hij ontdekte dat we allemaal de neiging hebben om mensen aan te nemen die op ons lijken. Daarom is de oplossing simpel: het is prima om de beste persoon aan te nemen, zo lang hij of zij niet op je lijkt.

Als je op zoek bent naar een baan, ga dan naar de kandidatensectie.